Jasmijn

Had het in de laatste jaren van het basisonderwijs niet altijd gemakkelijk. “Ik was best wel boos en bazig en daardoor hield ik niet veel vrienden over in de klas.” Haar klasgenoten lieten haar steeds meer links liggen, op 1 beste vriendin na.

Op het voortgezet onderwijs ging het eerst veel beter. “Het eerste half jaar hadden we een hele leuke klas, maar in de loop van het schooljaar kreeg je steeds meer groepjesvorming en gingen ze heel erg over je oordelen.” De tweede helft van het eerste schooljaar vond Jasmijn het steeds minder leuk. Ze deed haar best om niet meer ‘bazig en boos’ te zijn, maar de klas werkte niet heel erg mee. Ze vond het echt niet leuk meer en ze mocht het tweede jaar in een andere klas beginnen. “Het is nog steeds wennen, maar het gaat wel goed.”

Als ze groot is wil ze misschien wel verloskundige worden. Ze vind baby’s geweldig en kan ook goed met jonge kinderen opschieten. “Die nemen mij zoals ik ben en daar kan ik dus mezelf zijn. Zij vinden mij leuk en ik hun en dat is een wisselwerking.”

Wat Jasmijn vervelend vindt is dat pubers over één kam worden geschoren. “Natuurlijk zijn er pubers die rotzooi trappen, een grote mond hebben en dingen vernielen, maar ik vind het vervelend als ik dan ook zo wordt gezien.” Het is vooral het onrecht wat haar soms boos maakt. Dat het niet eerlijk is dat je naar wordt behandeld omdat iemand anders er een puinhoop van maakt. En dát Jasmijn, is nu precies waar dit project over gaat.

Ze vond dit meteen al een leuk project, maar zonder make-up op de foto was nog wel een dingetje. Nu ze nummer 50 mag zijn en de 49 eerdere puurpubers heeft gezien durft ze het wel aan.